Schadepreventie op de Spoedeisende Hulp
Op de afdeling Spoedeisende Hulp (SEH) ontstaan relatief veel én hoge schadeclaims. Bij MediRisk komen per jaar gemiddeld 70 claims over de SEH binnen. Over de afgelopen achttien jaar (1993 - 2008) bedraagt de totale schadelast op de SEH ongeveer 5 miljoen euro. Dit is op zich niet vreemd. Drukte en onvoorspelbare factoren kenmerken de zorgverlening op deze afdeling. Maar bepaalde risicovolle omstandigheden zijn wel degelijk te beïnvloeden. Juist op de SEH is het daarom belangrijk dat iedereen de risico's van het vak kent.
MediRisk kijkt samen met de SEH-managers, specialisten, verpleegkundigen en andere medewerkers hoe veel voorkomende risico’s te verminderen zijn. Wij brengen de risicosituaties op de SEH op diverse manieren onder de aandacht: door analyse, aandacht voor casuistiek, het seh-project en praktische tips.
Veiliger patientenzorg en daarmee een meetbare claimreductie op de SEH. Dat is wat MediRisk en de ziekenhuizen willen bereiken met de verplichte SEH-vangnetten. De onervarenheid van de arts-assistenten op de SEH is van invloed op het ontstaan van claims, met name daar waar het gaat om de diagnostiek en behandeling van kleinere traumata.
De volgende zeven vangnetcriteria hebben als doel het snel en gestructureerd op peil brengen van deskundigheid en vaardigheden van de arts-assistent. Daarnaast dienen sommige vangnetten als controle op het handelen van de arts-assistent, zodat de kwaliteit van zorg gewaarborgd blijft en de patiëntveiligheid verhoogd wordt.
1. Inwerkprogramma arts-assistenten
Er is een vastgelegd structureel inwerkprogramma voor alle arts-assistenten.
- Als onderdeel van het inwerkprogramma moet minimaal aandacht zijn voor:
• hand- en polsletsel onderzoek (conform handletselkaart en praktijkboek handletsels)
• basis hechttechnieken
• beoordeling van foto’s
• opvang van acute traumata
• idealiter wordt ook aandacht besteed aan de Ottawa ankle en knee rules
2. Structureel onderwijs
Structurele scholing dient te worden aangeboden aan alle arts-assistenten die op de SEH betrokken zijn, met name met betrekking tot de behandeling van peesletsels en fracturen.
- Scholing dient minimaal 1x per jaar plaats te vinden (zeker tijdens de inwerkperiode, maar ook daarna).
- Vastgelegd moet zijn welke functionaliteit daarvoor eindverantwoordelijkheid draagt.
3. Protocollen/richtlijnen t.a.v. peesletsels en fracturen
- Er zijn protocollen/richtlijnen t.a.v. traumata waarover de vakgroepen consensus hebben bereikt, gebaseerd op de huidige stand van de wetenschap. Vanzelfsprekend zijn deze te allen tijde beschikbaar op de SEH.
- Afwijken van het protocol/de richtlijn is uiteraard mogelijk, mits gemotiveerd gedocumenteerd in het medisch dossier en altijd na overleg met supervisor.
4. Toetsing arts-assistenten
Wanneer arts-assistenten in het kader van hun opleiding reeds beoordeeld worden, hoeft dit uiteraard niet nogmaals plaats te vinden, mits daarmee wordt voldaan aan onderstaande vangnetcriteria. Voor het overige geldt:
- Evaluatie direct na de inwerkperiode.
- Minimaal twee keer per jaar een voortgangsgesprek + ontwikkelingsplan (outputcriteria).
- Beoordeling van alle arts-assistenten (al dan niet in opleiding).
- De arts-assistent wordt beoordeeld door de medisch specialist c.q. opleider.
Deze verantwoordelijkheid dient ook formeel te zijn vastgelegd.
5. Dossiercontrole
Veel van de patiënten op de SEH worden uitsluitend gezien door de arts-assistent, zonder verdere tussenkomst van de specialist. Een dossierbespreking dient ter controle van de resultaten van de medische beoordeling en het daarop ingezette beleid en kan daarnaast een bijdrage leveren aan de kwaliteit en/of opleiding van de arts-assistenten:
- Er vindt dagelijks dossiercontrole plaats (minimaal maandag t/m vrijdag, maar bij voorkeur ook in het weekend). Wanneer er geen controle in het weekend plaatsvindt dan dienen de dossiers op maandag besproken te worden.
- De controle vindt plaats in aanwezigheid van zowel de chirurg c.q. orthopedisch chirurg als de arts-assistenten. Het moet herleidbaar zijn welke supervisor aanwezig dient te zijn.
- Beoordeling van traumaletsel door de arts-assistent is door de supervisor binnen 24 uur gecontroleerd.
- De bespreking wordt in het medisch dossier gedocumenteerd.
6. Supervisie
- Formuleer eenduidige afspraken t.a.v. supervisie, rekening houdend met de competenties van de individuele arts-assistent. De afspraken worden vastgelegd.
Basisoorzaak: ongestructureerde supervisie
Het doel van supervisie is tweeledig: enerzijds als controlemechanisme, anderzijds als leer/opleidingscomponent. De arts-assistent is gebaat bij een gestructureerde supervisie. Wanneer er duidelijke afspraken zijn geformuleerd, is de mate en vorm van supervisie minder afhankelijk van individuele inzichten/persoonlijke interpretaties. Eenduidige supervisieafspraken leiden tot waarborgen in de kwaliteit van zorg en een verhoogde patiëntveiligheid.
7. Röntgenbeoordeling
Dagelijkse bespreking (minimaal maandag t/m vrijdag, bij voorkeur ook in het weekend). Wanneer er geen bespreking in het weekend kan plaatsvinden, dienen de patiënten (foto’s) op maandag besproken te worden.
Bespreking in aanwezigheid van zowel een radioloog, chirurg c.q. orthopedisch chirurg en de arts-assistent (bij voorkeur degene die dienst had) is elementair. Het moet herleidbaar zijn welke supervisor aanwezig dient te zijn.
Bespreking van alle SEH-foto’s, ook van patiënten die zonder supervisie zijn behandeld en ontslagen. Leg vast wie verantwoordelijk is voor het verzamelen van de foto’s (analoog of digitaal).
Bespreking van de feiten vindt steeds plaats aan de hand van medische dossiers c.q. SEH-formulieren.
Controle vindt plaats op het handelen van de arts-assistent (diagnostiek, de behandeling en de dossiervoering).
Documenteer de afwegingen en de besluiten van de bespreking in het medisch dossier.
Idealiter moeten alle formele beoordelingsresultaten verplicht ter kennis komen van de behandelaar(s).
Basisoorzaak: onvoldoende terugkoppeling rond röntgenfoto’s
Hiaten in de terugkoppeling van röntgenbeoordelingen vormen een duidelijk risico in het ontstaan van schade en claims op het gebied van fracturen. Uit analyse blijkt dat radiologieverslagen niet altijd worden gelezen. Een gezamenlijke bespreking kan deze hiaten ondervangen. De bespreking dient ter controle op het initiële beoordelingsresultaat en kan daarnaast een bijdrage leveren aan de kwaliteiten en/of opleiding van de arts-assistenten. Anderzijds is het wenselijk om een systeem te ontwikkelen waarbij verplicht gecontroleerd wordt of de radiologieverslagen daadwerkelijk worden geëvalueerd door de behandelaar. (www.thelancet.com; Vol 367 February 4, 2006)